Alles mag (behalve wat niet mag).

Maximale vrijheid, een luisterend oor, medezeggenschap, zelfontplooiing, dé perfecte work-life balance, uitstekende condities, en een 100% veilige plek om te mogen zijn wie je bent zonder oordelen.
Klinkt als de perfecte werkomgeving? Misschien.
Thuis heb ik drie tieners midden in de puberteit. Ze krijgen maximale vrijheid om zich te ontwikkelen en nieuwe paden te ontdekken. Bijna dagelijks bespreken we alles aan de keukentafel. Ze komen niets tekort, en ik leg ze zo min mogelijk in de weg.
Klinkt als het perfecte thuis? Misschien.
Ik sprak een toonaangevende werkgever die worstelt. Hij dacht alles te hebben gedaan om een goede werkgever te zijn, maar vraagt zich nu af: heb ik té veel gegeven? Medewerkers stellen alles ter discussie, weigeren taken die niet bij hun persoonlijke groei passen, en halen hun neus op voor werk dat daar niet aan bijdraagt. Zelfs een beloningsbeleid met dividenduitkering had niet het gewenste effect.
Deze signalen duiden op een verstoorde balans tussen geven en nemen in een (arbeids-)relatie.
Als ik het relateer aan mijn eigen thuissituatie, zie ik één groot verschil. Ook ik vind het soms lastig grenzen te stellen aan mijn eigen drive om het maximale voor mijn pubers te faciliteren en ze zo weinig mogelijk in de weg te leggen.
Mag dan alles? Ja, dat mag. Behalve dát wat niet mag. Dat klinkt flauw, maar er is een grens waarbij ik denk dat het genoeg is. Soms is iets gewoon beter voor hun ontwikkeling en het zorgt ervoor dat we het met z'n allen leuk hebben. Dat is ons gezamenlijke doel.
Die grens wordt niet snel bereikt, maar we weten allemaal dat hij er is. Dat geeft duidelijkheid en zorgt ervoor dat het speelveld niet oneindig wordt. Vrijheid gaat soms gepaard met beperkingen. Het voorkomt onnodige discussie en stimuleert verantwoordelijkheid en betrokkenheid.
Medewerkers hebben, net als tieners, grenzen nodig. Kaders waarbinnen te onderhandelen valt, en duidelijkheid over wat wel en niet kan.
Medewerkers hebben, net als tieners, grenzen nodig. Kaders waarbinnen te onderhandelen valt, en duidelijkheid over wat wel en niet kan.
Een gezamenlijk doel is cruciaal: waar gaan we naartoe, wat is onze stip aan de horizon, en welke bijdrage lever jij om daar te komen?
Als echt alles mag, verdwijnt de lol snel.
Wanneer help jij je medewerkers door een keer geen ja te zeggen?
Liefs, Siets.
PS: een beetje rechte rug helpt.